Platform over technologie en uitvoering van beton

"Attestbeton geschikt voor honderd jaar toepassing in constructies met chloridebelasting"

di 9 jul 2019

Beton met een combinatie van cement en poederkoolvliegas als bindmiddel, het zogenoemde 'attestbeton', passen we in Nederland al meer dan vijfentwintig jaar breed toe. Toch was er tot voor kort nog discussie over de weerstand van dit beton tegen chlorideindringing. Is deze op de lange termijn wel voldoende aangetoond? En voldoet attestbeton ook als alternatief voor beton met hoogovencement bij toepassing in constructies met chloridebelasting die 100 jaar mee moeten gaan? "Ja", concludeert SGS INTRON na vijf jaar onderzoek in opdracht van de Vliegasunie en KEMA.

Langdurig onderzoek
“Niet eerder is er over een zo lange periode laboratoriumonderzoek gedaan naar de chloride-indringing van poederkoolvliegasbeton in relatie tot de levensduur”, weet Michel Boutz van SGS INTRON. “Met behulp van verschillende meetmethodes hebben we een grote hoeveelheid data verzameld rond cementen en poederkoolvliegassen die in Nederland vaak worden toegepast.” Meerdere methodes Tientallen betonnen kubussen van vijf verschillende mengsels met poederkoolvliegas én een referentiemengsel met hoogovencementbeton zijn vijf jaar lang, op regelmatige tijdstippen, met behulp van twee methodes onderzocht: Rapid Chloride Migration (RCM) en de Twee Elektroden Methode (TEM). Gedurende die hele periode is het beton buiten opgeslagen. “We hebben het laten verharden onder praktijkcondities”, legt Michel Boutz uit. “Met behulp van de RCM-methode is de snelheid bepaald waarmee chlorides de betondekking binnendringen (de chloride-migratiecoëfficiënt). Dat kan binnen 24 tot 96 uur, omdat we bij deze methode gebruikmaken van een elektrische spanning die de chlorides het beton in ‘trekt’. Met de Twee Elektroden Methode bepalen we de elektrische weerstand van het beton, die omgekeerd evenredig is met de RCM-waarde.”

Snel dichter
“Op basis van de gemeten RCM- en TEM-waarden kregen we een duidelijk beeld van de verouderingscoëfficiënt, die de afname van de RCM-waarde over de tijd weergeeft. Die verouderingscoëfficiënt is nodig om levensduurberekeningen uit te voeren. Hoe hoger de coëfficiënt, hoe sneller de weerstand van het beton tegen chloride-indringing toeneemt. Van poederkoolvliegasbeton is bekend dat het aanvankelijk een lage weerstand heeft tegen chloride-indringing, maar dat die weerstand wel snel toeneemt. Wij hebben nu met behulp van onderzoek aangetoond dat dit proces inderdaad heel snel verloopt: bij poederkoolvliegas van verschillende centrales is sprake van een hoge verouderingscoëfficiënt. Al na circa 1,5 jaar is de weerstand tegen chloride-indringing van attestbeton vergelijkbaar met die van hoogovencementbeton.”

Tenminste vergelijkbaar met hoogovencement
En die trend zet zich voort. “Dat heeft ermee te maken dat het vliegas pas na een tijdje gaat bijdragen aan het dichter worden van het beton”, weet Michel Boutz. “Eerst moet het cement hydrateren. Met de kalk die daarbij vrijkomt, gaat het vliegas reageren. Die reactie zet jarenlang door. Na drie jaar was het attestbeton al zó dicht dat we het met de RCM-methode nauwelijks meer konden meten. De natuurlijke diffusieproef conform NEN-EN 12390-11 die we na drie jaar met één poederkoolvliegasbeton en het referentiebeton uitvoerden, bevestigt dat beeld. Na 90 dagen onderdompeling in zout water bleek uit de chlorideprofielen dat de weerstand tegen chloride-indringing van attestbeton tenminste vergelijkbaar is met die van hoogovencementbeton.”

Meer informatie: Michel Boutz michel.boutz@sgs.com

1 Microscoopopname poederkoolvliegas

Reacties

Copyright 2019 Aeneas Media

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie AccepterenWeigeren